Skip to content
Oudere werknemer in overall aan het werk met een handpers in een werkplaats

LKV oudere werknemer afgeschaft: wat geldt nog?

Het loonkostenvoordeel voor werknemers van 56 jaar en ouder is per 2026 afgeschaft. Lees welk overgangsrecht nog geldt en welke voordelen je wel houdt.

Kort antwoord

Afgeschaft, maar niet voor iedereen tegelijk

Het loonkostenvoordeel (LKV) voor werknemers van 56 jaar en ouder is per 1 januari 2026 afgeschaft. Maar niet voor iedereen op dezelfde manier. Beslissend is de datum waarop je werknemer in dienst kwam:

  • Voor 1 januari 2024 in dienst? Dan loopt het LKV gewoon door: € 3,05 per verloond uur, maximaal drie jaar. De laatste uitbetaling volgt in 2027.
  • Op of na 1 januari 2024 in dienst? Dan was het LKV in 2025 al verlaagd en krijg je vanaf 2026 niets meer.

Beslissend: de datum van indiensttreding
Vóór 1 januari 2024: LKV loopt door tot de driejaarstermijn om is.
Op of na 1 januari 2024: vanaf 2026 geen LKV meer.
Laatste uitbetaling: in 2027.

Het wegvallen van dit LKV betekent niet dat een oudere werknemer niets meer oplevert. Een deel van de 56-plussers valt onder een andere regeling die wel blijft bestaan. Daarover lees je verderop.

Wijziging

Wat is er precies veranderd?

Werknemer in dienstOver 2024Over 2025Over 2026
Vóór 1 januari 2024€ 3,05 per uur (max € 6.000)€ 3,05 per uur (max € 6.000)€ 3,05 per uur, als de driejaarstermijn nog loopt
Op of na 1 januari 2024€ 3,05 per uur (max € 6.000)€ 1,35 per uur (max € 2.600)Geen LKV

Bedragen gecontroleerd op 17 september 2026, geldig voor de jaren 2024 tot en met 2026. Controleer bij twijfel de actuele informatie bij UWV.

De afschaffing ging in twee stappen: eerst een verlaging per 2025 voor nieuwe dienstverbanden, daarna de volledige afschaffing per 2026. Het kabinet schrapte de regeling vanwege de beperkte doeltreffendheid. Wat de evaluatie van het loonkostenvoordeel liet zien, lees je in ons artikel over de effecten voor werkgever en werknemer.

Overgangsrecht

Werknemers die vóór 2024 in dienst kwamen: het overgangsrecht

Voor dienstverbanden die voor 1 januari 2024 zijn begonnen, is het LKV oudere werknemer niet verlaagd en niet afgeschaft. Je houdt recht op € 3,05 per verloond uur, tot maximaal € 6.000 per jaar. Wel geldt de gewone maximale duur van drie jaar.

Voor wie geldt het in 2026 nog?

Door die driejaarsgrens gaat het in 2026 in de praktijk alleen nog om werknemers die in de loop van 2023 in dienst kwamen. Wie in 2022 of eerder begon, heeft de drie jaar al volgemaakt. Let op: een periode waarin de werknemer tijdelijk uit dienst was, telt mee voor die drie jaar.

Wanneer krijg je het uitbetaald?

Het LKV wordt altijd achteraf uitbetaald. Het LKV over 2026 staat op de Wtl-beschikking die je in 2027 ontvangt: de voorlopige berekening uiterlijk 15 maart, de definitieve beschikking vóór 1 augustus 2027. Dat is de laatste uitbetaling van het LKV oudere werknemer.

Wat moet je doen?

  • Laat de LKV-indicatie aanstaan in je aangiften over 2026, voor werknemers bij wie de termijn nog loopt.
  • Controleer in maart 2027 de voorlopige berekening: staan deze werknemers erop, met de juiste uren? Fouten herstel je tot en met 1 mei 2027.
  • Bewaar de doelgroepverklaringen: ook na de laatste uitbetaling mag de Belastingdienst nog vijf jaar terug controleren.
Nieuwe dienstverbanden

Werknemers die op of na 2024 in dienst kwamen

Voor deze groep was het LKV een korte regeling. Over 2024 kreeg je nog het volle bedrag van € 3,05 per uur. Over 2025 is dat verlaagd naar € 1,35 per uur, met een maximum van € 2.600. Vanaf 2026 krijg je niets meer.

  • Zet de LKV-indicatie per 2026 uit in je salarispakket. Zo voorkom je afwijkende aanvragen in je aangifte.
  • De Wtl-beschikking over 2025 (vóór 1 augustus 2026) moest het verlaagde bedrag van € 1,35 per uur tonen. De bezwaartermijn is zes weken na de dagtekening en is voor de meeste werkgevers inmiddels verstreken. Staat er op jouw beschikking een latere uiterste datum, dan kun je nog bezwaar maken.
Wat geldt nog

Wat je voor oudere werknemers wél nog kunt krijgen

Het LKV oudere werknemer was gekoppeld aan leeftijd en een uitkering. Andere regelingen zijn gekoppeld aan de arbeidsbeperking of het uitkeringsverleden van de werknemer. Die gelden ongeacht leeftijd. Check daarom bij elke oudere werknemer:

  • LKV arbeidsbeperkte werknemer: had je werknemer een WIA-, WAO- of WAZ-uitkering of heeft hij een arbeidsbeperking? Dan kan dit LKV gelden: € 3,05 per uur, maximaal € 6.000 per jaar, maximaal drie jaar. Voorwaarde is een doelgroepverklaring, aangevraagd binnen drie maanden na indiensttreding.
  • De no-riskpolis: valt je werknemer door zijn uitkeringsverleden onder de no-riskpolis, dan krijg je bij ziekte een Ziektewet-uitkering en telt de last niet mee in je Whk-premie.
  • De doelgroep banenafspraak: staat je werknemer in het doelgroepregister, dan kun je het LKV banenafspraak krijgen: voor wie vanaf 2026 in dienst kwam, zolang het dienstverband duurt, tot de AOW-leeftijd.

Het wegvallen van het LKV oudere werknemer is zo vooral een reden om beter te kijken welk ander voordeel bij deze werknemer hoort.

Ook afgeschaft

Het lage-inkomensvoordeel (LIV)

Naast het LKV oudere werknemer is ook het lage-inkomensvoordeel (LIV) verdwenen, per 1 januari 2025. Het LIV was een tegemoetkoming voor werknemers met een laag uurloon. De laatste uitbetaling, over 2024, vond plaats in 2025. Op de Wtl-beschikking staat sindsdien alleen nog het loonkostenvoordeel.

Aanpak

Zo weet je zeker dat je niets laat liggen

Je moet twee dingen tegelijk bijhouden: welke werknemers nog onder het overgangsrecht vallen. En welke oudere werknemers recht geven op een ander voordeel. Die tweede check wordt vaak overgeslagen, omdat ‘oudere werknemer’ en ‘arbeidsbeperking’ in de administratie los van elkaar staan.

Hawkeye, onze software, legt je personeelsbestand naast alle LKV-doelgroepen en de no-risk-voorwaarden. Zo zie je welke werknemers nog onder het overgangsrecht vallen, bij wie de indicatie uit moet en welke oudere werknemers recht geven op het LKV arbeidsbeperkte werknemer of de no-riskpolis. Op basis van no cure, no pay: je betaalt pas als we daadwerkelijk geld voor je terughalen. Bekijk hoe we loonkostenvoordelen regelen.

Wat Hawkeye voor je doet
Werknemers onder het overgangsrecht in beeld.
Signaal bij welke werknemers de indicatie uit moet.
Check op LKV arbeidsbeperkte werknemer.
Check op de no-riskpolis.

Terug naar het overzicht: het loonkostenvoordeel of de kennisbank sociale zekerheid voor werkgevers.

FAQ

Veelgestelde vragen over het LKV oudere werknemer

Korte antwoorden op de vragen die werkgevers het vaakst stellen over de afschaffing van het LKV oudere werknemer.
Is het LKV voor oudere werknemers afgeschaft?

Ja, per 1 januari 2026. Voor werknemers die vóór 1 januari 2024 in dienst kwamen, loopt het LKV nog door tot de driejaarstermijn om is. De laatste uitbetaling is in 2027.

Hoeveel LKV kreeg ik in 2025 voor een oudere werknemer?

Kwam de werknemer vóór 1 januari 2024 in dienst: € 3,05 per uur, maximaal € 6.000. Kwam hij op of na 1 januari 2024: € 1,35 per uur, maximaal € 2.600.

Kan ik voor een nieuwe werknemer van 56+ nog iets krijgen?

Niet via het LKV oudere werknemer. Wel mogelijk via het LKV arbeidsbeperkte werknemer, de no-riskpolis of de banenafspraak, als de werknemer daaronder valt.

Moet ik iets aanpassen in mijn salarisadministratie?

Ja. Zet de LKV-indicatie per 2026 uit voor werknemers die op of na 1 januari 2024 in dienst kwamen. Doe dat ook voor werknemers bij wie de driejaarstermijn om is.

Laat je nog loonkostenvoordeel liggen?

Zekerheyd checkt welke werknemers nog onder het overgangsrecht vallen en welke oudere werknemers recht geven op een ander voordeel. Op basis van no cure, no pay: je betaalt pas als we daadwerkelijk geld voor je terughalen.